• brasa mie...

  • mi na joe matie

  • moi bromtjie nanga fowroe

  • mik presierie

Nieuws 5 - Oktober 2007

Toespraak Kleurrijk Leven voor Suriname, Thoon Essed, Gedeputeerde van Brabant
Mevrouw de Ambassadeur, Mevrouw Monteiro, Mevrouw Bischop,

Dames en Heren,
Vandaag spannen wij ons in voor de opvang van kinderen met HIV in Suriname. Dat is nodig. Het is zélfs heel hard nodig. Achter die noodzaak kinderen met HIV op te vangen, schuilt in het verborgene een nog grotere tragedie. Kinderen met HIV hebben ouders met HIV. HIV en het vervolg er op, Aids, zijn ziekten met een hoog risico en een tragische afloop. Het kost veel geld om de mensen die er mee te maken krijgen een kans te geven. Het is nog steeds zo dat de beste methode om problemen te voorkomen ligt in een goede voorlichting en veilig vrijen. Maar het overbrengen van die boodschap en zorgen dat mensen er naar handelen is een complexe zaak.
Het begint met aandacht voor de problematiek, er moet over geschreven en gepraat worden. Dat is een begin. Elke invalshoek is daarbij een goede. Dat geldt zeker wanneer het er om gaat te voorkomen dat kinderen letterlijk van de rekening worden. Zij zijn de onschuldige slachtoffers van een nieuwe ziekte. Wij kunnen en wij moeten helpen. Dat is waarom ik de activiteiten van het Parelhuis van harte ondersteun. Ik heb graag mijn medewerking aan deze bijeenkomst gegeven. Niet in het minst vanwege mijn eigen achtergrond maar ook vanwege de band van Brabant met Suriname. Die Brabantse band met Suriname is niet die van de plantages of emigranten. Het is de band die in de activiteiten van het Parelhuis is terug te vinden. Het kind staat centraal.

Het was in 1844 dat mgr. Johannes Zwijsen in Tilburg de congregatie van de Onze Lieve vrouw, Moeder van Barmhartigheid oprichtte. Die congregatie staat beter bekend als de Fraters van Tilburg. Zij heeft in de jaren sinds haar ontstaan een grote groei én zoals met veel ordes een grote krimp doorgemaakt. De laatste jaren wordt er weer voortvarend aan de weg getimmerd door een aantal jonge fraters. Belangrijk is vooral de taak die de orde op zich nam. Die lag vooral in de zorg voor anderen, ingegeven door hun kernwaarde, Barmhartigheid. Veruit de meeste aandacht van de fraters ging uit naar het onderwijs. Het zijn ook de fraters van Tilburg die in Suriname, Nederland, Indonesië maar ook de Verenigde Staten van Amerika actief zijn geweest in het onderwijs en de zorg voor doven.
De fraters hebben daardoor in Nederland én in Suriname een belangrijk fundament gelegd voor het moderne onderwijs. De rol en positie van Tilburg ten aanzien van lerarenopleidingen maar ook de concentratie van uitgeverijen in het onderwijs zijn rechtstreekst terug te leiden naar de activiteiten van bisschop Zwijsen en de fraters van Tilburg. De laatste paters verlieten het onderwijs in de jaren tachtig.
Dan zijn er ook nog de Zusters Fransiscanessen van Roosendaal. De geschiedenis van de zusters begon 175 jaar terug. Om de meisjes van de lagere standen iets te doen te geven werd in 1822 een borduurschool opgericht. Op 4 maart 1834 werd gestart met een pensionaat, dat sterk groeide. 
In 1932 had het Genootschap tot Opvoeding in Roosendaal zijn scholen verspreid over vijf bisdommen en over Suriname, Curaçao en West Indië (veertien scholen). In Nederland hadden de Roosendaalse zusters de zorg voor 26 bewaarscholen, drie kweekscholen voor onderwijzeressen, 31 scholen voor gewoon lager onderwijs en elf ulo-scholen. Op dit moment is er nog één zuster van Roosendaal in Suriname actief, zuster Egno Monk.

De meest belangrijke Brabander in Suriname was en is natuurlijk Peerke Donders. Donders werd geboren te Tilburg, zoon van een wever. Peerke Donders zat als jongen van twaalf al achter het weefgetouw. Hij wilde priester worden,  zijn ouders hadden daar geen geld voor. Hij werd zelfs afgekeurd voor militaire dienst en wist via zijn pastoor een baan als knecht op het kleinseminarie Beekvliet in St.Michielgestel te krijgen.  Zijn geloofsijver was zo groot dat hij werd toegelaten tot de priesteropleiding. Tijdens zijn vervolgstudie aan het grootseminarie te Haaren kwam bisschop Grooff  uit Paramaribo op bezoek. Hij zocht priesters voor de missie in Suriname. Donders was de enige die zich aanmeldde. Hij werkte als kapelaan in Paramarbio, en in een melaatsenkolonie gevestigd op de voormalige plantage Batavia aan de Coppenamerivier. De vergelijking met HIV dringt zich hier op. Hij werd in 1867 redemptorist en maakte  missiereizen naar de Indianen in het binnenland. Donders  werd in 1882 teruggeroepen naar Paramaribo. Van 1883 tot en met 1885 werd daar de cederhouten Petrus en Pauluskathedraal gebouwd. Donders overleed uiteindelijk op 1 januari 1887 aan een nierontsteking in de melaatsenkolonie Batavia. Daar werd hij begraven om uiteindelijk bijgezet te worden in de Sint Petrus en Paulus Kathedraal van Paramaribo.  Hij kende en kent ook in Nederland nog steeds zijn aanhangers. Zijn geboortehuis werd in 1930 gereconstrueerd. In 1982 is Peerke Donders zalig verklaard.
De band van Brabant met Suriname bestaat dus uit de zorg voor het onderwijs en vooral de zorg voor mensen die hulp nodig hebben. Daarmee is voor mij de cirkel rond. Wij zijn weer bij het Parelhuis en de steun voor de kinderen met HIV.
Praktisch handelen is het kenmerk van de Brabantse samenleving, de fraters van Tilburg, de Franciscanessen van Roosendaal en vooral Peerke Donders hebben dat aangetoond. Ik ben blij dat ook nu de praktische barmhartigheid in Brabant leidt tot het initiatief om het Parelhuis te steunen. Ik wens u veel succes en een geslaagde bijeenkomst!

f t g